KAS Magazine 10-2011

KAS Magazine 10-2011

Tijd van komen en gaan (slotcolumn)

Er is een tijd van komen en een tijd van gaan. Dat geldt ook voor columnisten. Zij krijgen de ruimte om een tijdlang hun eigen mening te geven. Zonder dat hen daarbij een strobreed in de weg wordt gelegd. Ik heb vanaf de start van KAS maandelijks mijn zegje kunnen doen over arbeidsverhoudingen tussen werkgevers en werknemers. Soms ludiek, soms informatief, soms prikkelend, soms kritisch.

Als columnist had ik carte blanche. Ik kon vrijuit over arbeidsverhoudingen schrijven wat ik er van vond. Eigenlijk past dat niet zo bij het onderwerp arbeidsverhoudingen. Arbeidsverhoudingen zijn immers het terrein van sociale partners. Van werkgeversorganisaties en vakbonden. Van werkgevers en werknemers. Van geven en nemen. Van evenwicht. Van countervailing power.

Countervailing power. Power is macht. Maar macht die evenwichtig over twee partijen – werkgevers en werknemers – verdeeld is. Zodat ze elkaar in evenwicht houden. Dat gebeurt bijvoorbeeld in de Sociaal-Economische Raad, waarin evenveel werkgevers als werknemers zitting hebben. En in cao-onderhandelingen tussen werkgevers en vakbonden. En in overleg van werkgevers met ondernemingsraden.

Ik hoor werkgevers wel eens met heimwee praten over het verleden waarin de werkgever de baas was en de werknemer gewoon zijn opdrachten uitvoerde. Dat lijkt erg lang geleden als deze werkgevers met hun werknemers moeten overleggen over het combineren van werk en privé. Of moeten investeren in duurzame inzetbaarheid van hun werknemers die misschien vervolgens het bedrijf verlaten.

Als ik zie wat er vandaag de dag van werkgevers wordt verwacht kan ik die heimwee soms wel een beetje begrijpen. Maar dat betekent niet dat ik vind dat de klok teruggedraaid moet worden. In tegendeel. Ik denk dat de arbeidsverhoudingen tussen werkgevers en werknemers nog méér countervailing power nodig hebben. Door werknemers niet minder, maar méér verantwoordelijkheid te geven.

Werknemers kunnen nog méér verantwoordelijk worden voor de resultaten van het bedrijf. In goede en in minder goede tijden. Door hun beloning af te stemmen op de resultaten van het bedrijf. Door zich te scholen en te ontplooien op een wijze die het bedrijf ten goede komt. Door hun inzetbaarheid op de arbeidsmarkt te vergroten zodat ze makkelijker van baan kunnen veranderen als het werk in het eigen bedrijf  wegvalt.

Dit is mijn laatste column over arbeidsverhoudingen voor KAS Magazine. De vorige alinea – mijn laatste – heb ik makkelijk opgeschreven. In alle vrijheid en zonder enige countervailing power. Dat is de vrijheid van de columnist. Ik heb die vrijheid de afgelopen jaren met veel plezier gebruikt voor het schrijven van mijn columns. Ik hoop dat ze af en toe ook met enig plezier zijn gelezen.